Vandaag, 11 februari, is Internationale Dag van Vrouwen en Meisjes in de Wetenschap.
Deze dag staat in het teken van de opmerkelijke bijdragen van vrouwen aan de wetenschap. Zo’n dag maakt mensen ervan bewust dat wetenschap en gendergelijkheid hand in hand moeten gaan.
UNESCO stelt gendergelijkheid centraal in haar missie en erkent dit als een mondiale prioriteit. Aangezien vrouwen wereldwijd nog steeds ondervertegenwoordigd zijn in het onderzoek – zij maken minder dan een derde van alle onderzoekers uit – roept UNESCO op tot een grotere deelname van vrouwen in de wetenschap om wetenschappelijke, technologische en innovatieve vooruitgang te stimuleren die ethischer, inclusiever en beter aansluit bij de behoeften van de samenleving.
Wij zijn enorm vereerd met onze vrouwelijke leden van de Wetenschapskamer! Dank voor jullie bijdrages 🙏
Allemaal keien in hun vak:
Annelies Storme, die meewerkte aan de gebiedsbeschrijvingen van de geosites voor het bidbook, het veensymposium mee organiseert ...
Joke Bungeneers, die als trekker van de werkgroep cartografie een eerste echt onderzoeksproject van de Wetenschapskamer kon opstarten
Marion Burger (provincie Zeeland) en Nathalie de Visser, die de werkgroep Verdronken Dorpen vormgeven. En we hebben ook nog steeds Archana Sadhoeram onder onze leden, vroeger een van onze coördinatoren!
En de recente prestatie van Possum Pincé: Ze haalde onlangs een felbegeerde Starting Grant van de European Research Council (ERC) binnen en is in februari van start gegaan met een 5-jarig project rond de prehistorische mens en klimaatsverandering met de naam FROST.
FROST: De prehistorische mens onder druk van klimaatverandering
Op het einde van de laatste ijstijd keerden jager-verzamelaars terug naar West-Europa. Rond 12.850 jaar geleden, werd deze opwarming bruusk onderbroken door een koude terugval die het landschap ingrijpend veranderde. Bossen maakten plaats voor toendra, plantaardige voedselbronnen namen af en grote rendierkuddes keerden terug. Tegelijkertijd zijn menselijke sporen in het archeologisch record veel schaarser. Deze periode, bekend als de Jonge Dryas, duurde zo’n 1200 jaar. Vaak wordt ze beschouwd als één lange koude fase, maar onderzoek op ijskernen uit Groenland toont aan dat het klimaat toen veel variabeler was. Hoe die schommelingen zich echter in West-Europa vertaalden, en hoe mens en natuur daarop reageerden, blijft grotendeels onbekend.
FROST gaat deze uitdaging aan door natuurlijke archieven zoals stalagmieten, sedimentafzettingen en rendierresten in detail te onderzoeken, en de chronologie van de archeologische sites te verfijnen. Met deze geïntegreerde aanpak wil FROST voor het eerst regionale klimaatpatronen, veranderingen in ecosystemen, rendiermigraties en menselijke bewoningsdynamieken in West-Europa tijdens deze cruciale periode reconstrueren.
FROST richt zich zo op een vraag die ook vandaag zeer actueel is: hoe kleine klimaatschommelingen belangrijke gevolgen kunnen hebben voor ecosystemen en menselijke populaties. Bovendien werd het begin van de Jonge Dryas vermoedelijk veroorzaakt door een sterke vertraging van de Noord-Atlantische oceaancirculatie na massale smeltwaterstromen, een proces dat opvallende parallellen vertoont met de huidige verzwakking van het Atlantisch circulatiesysteem (AMOC). Door te reconstrueren hoe klimaat en ecosystemen in West-Europa destijds reageerden, kan FROST waardevolle inzichten bieden in de risico’s van vergelijkbare drempels in het klimaatsysteem die in de toekomst kunnen overschreden worden.
Tot slot mooi om te melden dat Possum Pincé vorige week donderdag 4 februari 2026 benoemd is tot professor bij de UGent (Archeologie).
Meer informatie over de Dag van de Vrouwen en Meisjes in Wetenschap via de website van UNESCO: https://www.unesco.org/en/days/women-girls-science
copyright foto header Stefan Dewickere