Zwin

De geosite ‘Zwin’ is gelegen aan de oostgrens van de Belgische kustvlakte. De landsgrens ligt in het actieve zeegat en het is dan ook een grensoverschrijdende geosite. Het hedendaagse natuurreservaat Het Zwin strekt zich uit van het strand en de kustduinen over een actief getijdenlandschap met slikken en schorren. Daarnaast liggen ook verschillende historische polders binnen de geosite. Een deel van een de Willem-Leopoldpolder werd recent weer deels ontpolderd en ligt nu binnen het natuurreservaat. Ten slotte bevat de site ook sporen van historische grensconflicten, waaronder Fort Isabella en de Cantelmolinie. De oorsprong van het Zwin is terug te voeren tot de Sincfal, een getijdengeul in de Romeinse tijd en vroege middeleeuwen, en mogelijk zelfs naar een Midden Holocene geul ter hoogte van het huidige Scheur, de vaargeul voor de kust van Zeebrugge. De precieze ouderdom van het Zwin is niet meer te achterhalen, omdat de oudste sedimenten geërodeerd zijn door storm en getij.

51.360900653718, 3.35790675

Grenspaal in Het Zwin

Zeespiegelstijging, wad en veenmoeras

De stijgende zeespiegel kreeg pas 7000 tot 6000 jaar geleden invloed in de Zwinstreek. De kustgordel lag toen 10-15 km voor de huidige kust maar stabiliseerde en schoof tot 5500 jaar geleden zelfs even zeewaarts door de vertraagde zeespiegelstijging en aanvoer van geërodeerd sediment. Langs hoger gelegen randen vormde een veenmoeras over het pleistocene zandlandschap, omdat er zoet grondwater opborrelde. Tot 2800 jaar geleden bleef de kustlijn stabiel en kon het veenmoeras parallel met de tragere zeespiegelstijging steeds verder landinwaarts uitbreiden over het dekzandgebied en (lokaal) over het opgeslibde schor.

Slufter met slikken en schorrengebied achter de duinen, Het Zwin

Open kustlandschap met geulen

Vanaf 2800 jaar geleden zorgden klimaatverandering en ontbossing van het binnenland voor toegenomen afwatering in het veengebied. Hierdoor begonnen geulen in te snijden en kwam er meer ruimte voor het getij achter de kustgordel. Deze insnijding creëerde een open getijdengeulenlandschap met ‘eilanden’ van oudere schor- en veengebieden. De duinengordel en dekzandruggen langs de randen van het gebied vormden tijdens de Romeinse tijd deel van een kustverdedigingslinie. Vanuit de woonkernen werd het landschap ontwaterd voor kleinschalige landbouw of turfwinning en werden opgehoogde wegen opgericht als bescherming tegen overstromingen. In de vroege middeleeuwen ontstonden op een vergelijkbare manier nederzettingen op terpen gelegen op het schor en langs de geulen. Vanuit deze nederzettingen werden ringdijken aangelegd om de nabije omgeving te beschermen en intensiever te ontginnen. Hierdoor ontstonden de eerste polders.

Natuurreservaat Het Zwin

Sincfal

Door de verzanding van de Blankenbergegeul en (later) de Oostkerkegeul werd minstens één kanaal (deels in een kreek) aangelegd tussen de Sincfal en het (vroeg)middeleeuwse Brugge: het Oud Zwin Dit versterkte echter onbedoeld ook de verlanding van het buitendijkse gebied, waaronder de kanaalverbinding tussen Brugge en de Sincfal.

Windmolens op de achtergrond van Het Zwin

Het Zwin

In 1134 na Chr. schuurde een sterke stormvloed een oude zeearm van de Sincfal opnieuw uit. Mede dankzij het Zwin groeide Brugge uit tot een internationale havenstad. De natuurlijke opslibbing van het schor langs het Zwin en de latere inpoldering zorgden voor versnelde natuurlijke verzanding waardoor schepen steeds meer moeite kregen om Brugge te bereiken. De mindere bevaarbaarheid van de Zwingeul versterkte de ontwikkeling van voorhavens. Een nieuwe kustgordel met duinengebied vormde over het reeds verlande deel van de Zwinmonding tussen Knokke en het huidige Zwinreservaat. De uiteindelijke kustlijn en de jongste actieve duinen voor het Zwin zijn pas gevormd nadat de Zwingeul vrijwel volledig afgesloten was. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog en de Spaanse Successieoorlog maakte de Zwinmonding deel uit van de frontlinie en werden op beide oevers linies met forten en aardwallen aangelegd ter hoogte van de latere landgrens. Ook onderwaterzetting was een oorlogstactiek. Tijdens WOI en WOII kreeg het Zwin opnieuw een militaire functie in respectievelijk de Hollandstellung en Atlantikwall. Het getijdengebied heeft zich recent zelfs opnieuw uitgebreid door de ontpoldering van de Willem-Leopoldpolder, om de natuurlijke verzanding en opslibbing af te remmen.